Zoeken in deze blog

zondag 23 oktober 2011

To twitter or not to twitter?

Zoals ik al in mijn vorige bericht vermeldde, ben ik een pas-ingewijde in het Twitterwezen. Ondertussen zijn we een paar weken verder en wat mij betreft kan Twitter voorlopig nog niet tippen aan Facebook. Blijkbaar duurt het deze keer langer om de voordelen en de mogelijkheden van dit sociaal mediakanaal te leren waarderen. Dit betekent echter niet dat ik Twitter volledig links laat liggen. Integendeel zelfs! Ik check geregeld of ik al nieuwe volgers heb (ondertussen zijn het er al 10, hiep hiep hoera) en de lijst met interessante personen die ik volg wordt ongeveer elke dag langer. Maar toch... Het is nog niet helemaal mijn ding.

Gelukkig ben ik niet de enige die nog een beetje aan de vloedgolf van tweets en volgelingen moet wennen. In mijn vriendengroep zijn er verschillende personen die onder (al dan niet lichte en educatieve) dwang recent een Twitterprofiel aanmaakten en er nog niet helemaal mee weg zijn. Blijkbaar is het zelfs voor enkele rasechte journalisten, toch wel dé twitteraars bij uitstek, nog een moeilijke stap.

Neem nu bijvoorbeeld Marc Reynebeau. Bekend mediafiguur, redacteur bij De Standaard en journalist eersteklas. Van hem of all people zou je toch verwachten dat hij al vanaf dag één ijverig twitterend zijn dagen zou doorkomen. Niets is echter minder waar. Of beter gezegd, was. Marc Reynebeau is net zoals ik een pasgeborene in het Twitterleven. Al lijkt hij het allemaal veel sneller onder de knie te krijgen: vandaag heeft hij al 112 tweets op zijn naam staan (ik heb er tot nu toe euhm... nul...ik weet gewoon niet wat tweeten) en bestaat zijn volgelingengroepje uit maar liefst 3257 mensen (dit zal ik maar wijten aan zijn bekende kop, iets waar ik (voorlopig nog) niet over beschik).

Deze week was Marc Reynebeau uitgenodigd bij het debatprogramma VOLT om te getuigen over zijn eerste week als twitteraar. Martine Tanghe en Kobe Ilsen vroegen zich af of Reynebeau na een week een overtuigd gebruiker was geworden, of eerder het twitteren aan zich voorbij liet gaan. Ik denk dat als je zijn 112 tweets op amper anderhalve week tijd bekijkt, je wel weet wat het antwoord is. We hebben er met andere woorden weer een nieuwe twitterverslaafde bij.

Toch gaf Marc Reynebeau toe dat er ook een paar negatieve punten aan Twitter verbonden zijn. Zo is Twitter bijvoorbeeld het ideale excuus om zich overal mee te bemoeien. Vooral journalisten zijn hier ongelooflijke keien in. Bij elke nieuwe of speciale gebeurtenis twitteren zij hun mening de wijde wereld in. Ook zijn er twitteraars die elke vijf minuten een nieuwe tweet lanceren maar helaas echt, maar dan ook echt niets nuttigs te vertellen hebben. Ze zijn naar mijn mening ongelooflijk aandachtsgeil en oninteressant. Maar ja, ik ben dan ook nog maar een Twitter-leek. Misschien twitter ik binnenkort zelf over mijn lekker broodje zalmsla of over hoe goed ik de vorige nacht heb geslapen.

Toch moet zelfs ik toegeven dat Twitter ook zijn positieve kantjes heeft. Zo ben ik volger van de De Redactie en krijg ik al de nieuwste nieuwsflashes rechtstreeks naar mijn startpagina gezonden. Op die manier blijf ik altijd up-to-date. Hoewel ik in de les zat, wist ik amper vijf minuten na de uitspraak dat Ronald Janssen levenslang had gekregen. Dit zou met geen enkel ander medium mogelijk zijn. Ook tijdens het Pukkelpopdrama bewees Twitter zijn diensten als handig communicatiemiddel.

Daarom dat ik Twitter zeker nog een kans zal geven. Ik ken zijn nadelen maar zeker ook zijn voordelen en ik moet het nog eventjes de tijd geven om te weten welke de overhand gaan nemen. Ik hou jullie op de hoogte!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten